De toekomst van Nederland begint niet alleen in vergaderzalen, beleidsnota’s of verkiezingsprogramma’s. Die begint ook in de klas, in een praktijklokaal en op de werkvloer van onze MKB-maakbedrijven. Daarom is het goed nieuws dat jongeren meer kansen krijgen om techniek eerder, praktischer en dichter bij huis te ervaren.
Techniek dichterbij brengen
Voor de MKB-maakindustrie is dit belangrijk. Onze bedrijven maken wat Nederland nodig heeft: machines, onderdelen, constructies, innovatieve producten en slimme technische oplossingen. Daarmee dragen zij bij aan woningbouw, energietransitie, digitalisering, mobiliteit, zorg en veiligheid. Maar al die ambities kunnen alleen werkelijkheid worden als er voldoende vakmensen zijn. Daarom is het positief dat de Tweede Kamer wil dat alle vmbo-leerlingen structureel kennis kunnen maken met techniek. De aangenomen motie van VVD-Tweede Kamerlid Arend Kisteman vraagt het kabinet uit te werken hoe techniekonderwijs op alle vmbo-vestigingen aangeboden kan worden. Koninklijke Metaalunie pleit al jaren voor goed bereikbaar techniekonderwijs en praktijkervaring voor alle jongeren. Dit sluit daar direct op aan.
Meer praktijk op de havo
Ook het besluit dat alle havo-scholen praktijkgerichte programma’s mogen aanbieden, is goed nieuws. Leerlingen werken aan echte vraagstukken, lopen stage en ontdekken wat hun kennis in de praktijk waard is. Een leerling die meedenkt over het elektrificeren van een bedrijfsbus of heftruck, krijgt direct te maken met vragen die MKB-maakbedrijven dagelijks tegenkomen: is er genoeg stroom, wanneer kan er geladen worden, wat betekent dit voor de planning en hoe blijven leveringen en productie doorgaan? Zo ontdekken jongeren dat techniek niet abstract is. Bij MKB-maakbedrijven draait het om oplossingen bedenken, materialen slim toepassen, processen verbeteren, storingen voorkomen en klanten verder helpen.
Bedrijven maken het verschil
Juist bedrijven kunnen techniek tot leven brengen. Dat hoeft niet ingewikkeld te zijn. Een gastles, een bezoek aan een praktijkomgeving van een bedrijfsvakschool, een snuffelstage of een praktijkopdracht kan al genoeg zijn om een jongere te laten zien wat er op de werkvloer, in de tekenkamer of bij de montage gebeurt. Ook een kort gesprek met een vakman of vakvrouw kan verschil maken. De kansen liggen vooral in de regio. Daar ontmoeten onderwijs en bedrijfsleven elkaar. Hoe meer jongeren techniek echt kunnen ervaren, hoe groter de kans dat zij later kiezen voor een opleiding of loopbaan in onze sector. Dat is goed voor jongeren, goed voor de MKB-maakindustrie en daarmee goed voor heel Nederland.
Mark Helder,
Voorzitter Koninklijke Metaalunie